Auteur: Harro Heijboer - Geplaatst op: 2008-05-15 / 19:38 - Categorie: Stage

Mijn Portugal Deel 4: het voetbal

Iedereen die wel eens in Portugal is geweest of een reisgids over Portugal heeft gelezen moet dit weten; voetbal in Portugal is als een religie. In veel boekjes staat het aangegeven als het tweede geloof maar het zou me niks verbazen als een groter deel van de Portugezen in de kracht van voetbal zou geloven dan in de kracht van god. Als voetbal dan een religie is dan is José Mourinho hun god en is Cristiano Ronaldo zijn zoon. Deze twee worden op het moment op handen gedragen. José Mourinho werd met Chelsea twee keer kampioen van Engeland en Cristiano Ronaldo is de sterspeler van Manchester United en het Portugese nationale elftal.

Dat het Nationale team in 2004 net naast de titel greep (ze verloren in de finale tegen Griekenland) heeft er niet aan bijgedragen om de gekte in te dammen. En met het EK 2008 voor de deur laait de gekte alleen maar verder op. Bijna elk reclameblok op de TV bestaat voor 60% uit reclames die wel iets met voetbal te maken hebben. De voorpagina’s van ELK dagblad heeft iets van voetbal op de voorpagina staan, vaak het hoofdartikel, en er zijn drie verschillende dagbladen die alleen maar over voetbal gaan. Elke dag een krant van 30 pagina’s gevuld met nieuws over voetbal. Je gaat je afvragen waar ze in godsnaam allemaal over moeten schrijven om dat vol te krijgen elke dag. Ik zou het helaas niet weten want mijn Portugees is nog steeds heel beperkt.

De belangrijkste voetbalclubs in Portugal zijn Porto, Sporting en Benfica. De laatste club staat in het Guiness book of records voor het hebben van de grootste fanclub ter wereld met meer dan 300 duizend leden. Net als tussen Ajax, Feyenoord en PSV is het ook hier in Portugal haat en nijd tussen de drie genoemde clubs. Rellen zie hier overigens bijna niet. Ik heb me laten vertellen dat de veiligheidsmaatregelen steng zijn en dat er strenge voetbalwetten zijn om het geweld in te dammen. Het beperkt zich dan ook tussen spreekkoren en het afsteken van zwaar vuurwerk (wat overigens ook best gevaarlijk is).

Zelf heb ik in de maanden dat ik hier nu ben regelmatig gevoetbald. Het geluk tijdens het voetballen is echter niet aan mijn zijde. Tijdens de eerste keer ging er iemand op mijn tenen staan waardoor mijn nagel een paar weken hartstikke zwart is geweest en ondertussen mijn teen maar heeft verlaten. Een paar weken geleden ging er iemand anders op mijn andere grote teen staan en die nagel is nu dus ook zwart. Ik hoop maar dat deze er maar wel aan blijft zitten. En de laatste keer dat ik ben gaan voetballen zag ik de keeper te laat uit zijn doel komen en moest ik tijdens de daaropvolgende val mijn gehele gewicht opvangen met mijn rechterpols. Hoewel ik niet mega zwaar ben was het toch genoeg om mijn pols te kneuzen.

In het dagelijks leven vertaald voetbal zich in verschillende dingen. 1 op de 3 gesprekken gaat over voetbal, een groot deel van de bevolking speelt zelf voetbal en als ze het niet zelf spelen dan kijken ze wel regelmatig. En dat kijken kan bijna overal want in elke bar, club of restaurant hangt wel een televisiebeeldscherm en die staat (bijna) altijd op voetbal. In de avond uurtjes komen daar dan ook genoeg mensen samen om voetbal te kijken. Van mij hoeft het allemaal niet zo overdreven. Als ik uit eten ga hoef ik niet zo nodig naar de live wedstrijd van Porto te kijken. De meeste mensen van buiten Portugal die ik spreek storen zich er dan ook aan. Maar goed, dat hoort nou eenmaal ook bij Portugal.
Verder in deze serie
Reacties: 0 Reageren Print RSS Feed

Reacties (0)

Klik hier om een reactie te plaatsen
Creative Commons Hogeschool Rotterdam Willem de Kooning Academie